Denemarken 2008
(door
Bert & Evert)
Na een flinke koude periode in het begin van dit jaar, werd het weer
gelukkig wat beter. De vangstberichten waren niet best, maar een week
voordat we richting Denemarken zouden vertrekken, verscheen er een bericht
op het prikbord dat er weer goed werd gevangen. Een stel Groninger vliegvissers,
Jelle Jelsema en co. van Flyfever.com, hadden het weekend super gevangen.
Mooi werk, we hadden er zin in!
Vrijdagnacht 5 april vertrokken we ’s
nachts om 02.30 uur. De reis verliep lekker vlot en om 07.15 uur reden
we Denemarken al binnen. We hadden tijd zat, dus gingen we al vlot de
snelweg af, om via de oostkust verder omhoog te rijden. Het sleuteladres
lag behoorlijk op de route, dus dat was ook zo gepiept. Vervolgens moesten
we een postkantoor zien te vinden om de vergunningen te regelen. Daarna
zijn we doorgereden naar Fredericia, waar wij een hengelsportwinkel wisten
te zitten waarvan de eigenaar Jesper ons de nodige info kon verschaffen
over de vangsten op dat moment, en waar we nog wat spulletjes konden
kopen natuurlijk. Jesper vertelde ons dat er bijzonder goed gevangen
werd, zowel op zee als op de fjorden. De zeeforellen waren niet kieskeurig,
vertelde hij. Ze pakten alles wat ze voor de neus kregen. Dat was natuurlijk
goed nieuws, maar eerst zien, dan geloven!

Gevist moest er worden, dus op naar de stek van vorig jaar, waar we goed
gevangen hadden. Met vier man hebben wij die middag verschillende plekken
bevist, maar niemand kreeg een aanbeet. Dan maar het huisje opzoeken
om wat te eten en de slaapplaatsen gereed te maken.’s Avonds na
een paar borrels waren we doodmoe, dus lekker pitten!
Zondagmorgen 6 april kregen we bezoek van Arno, ook een liefhebber van
vliegvissen, uit Zwolle. Hij zou twee dagen blijven. Arno was om 03.30
uur vertrokken uit Zwolle, en om 09.00 uur wachtten Dick en ik hem op
in de buurt, omdat ons huisje nogal moeilijk te vinden was. We waren
al meerdere malen verkeerd gereden. Ook Arno had een vlotte reis gehad
en was nog een stukje achter een Duitser aan gereden met 250 km. per
uur, vertelde hij.
Dus soep in de thermoskannen, brood mee, en vissen!
We hadden dit jaar gekozen voor ademende waadpakken. Wel wat kouder dan
neopreen, maar wel een stuk comfortabeler. Met de nodige warmtekleding
eronder was het goed te doen. We spraken wel af dat we om de twee á twee
en half uur het water uit zouden gaan om weer op temperatuur te komen.
Dat was ook wel nodig met een watertemperatuur van 5 graden.
De stek waar we aan de slag gingen, lag vol in de wind. De wind stond
pal op mijn werphand. Dus moest ik de hele dag met een achterwaartse
worp staan werpen, anders kreeg ik de lijn niet voldoende weg. Dat je
daar andere spieren bij gebruikt, kwam ik de volgende dag achter. Een
pijnlijke arm was het gevolg. We worden ouder, dat is goed te merken.
Dick had last van zijn nekspieren, Evert had last van zijn strip-arm,
en Auke, de jongste van het stel kreeg een jicht- aanval, een behoorlijke
pijn in zijn onderrug, en heeft vier dagen mank gelopen. Wat een kneusjes!
Hahaha…
Maar de eerste zeeforellen werden geland! Evert ving de eerste, gevolgd
door Auke.

Na de pauze ving Arno de eerste zeeforel van zijn leven. Mooi werk! Ikzelf
voelde een ruk aan de lijn. Mis! Shit, hoe kan dat nou? Even later
miste Dick er ook één. Een half uurtje later was het
raak voor mij. En hoe! Een harde aanbeet aan een roze garnaal-achtige
streamer, met diabolo- oogjes. Terwijl ik de hengel hef, komt er een
grote zeeforel vrij van het water! Jéé, wat gaaf! Keer
op keer kwam de vis volledig uit het water om zich van de haak te ontdoen.
Rustig blijven nu, niet verspelen! Spanning op de lijn houden! Maar
iedere keer als de vis springt, voel je de spanning van de vliegenlijn
wegvallen. Dat is geen fijn gevoel, kan ik je vertellen. Maar de dril
verliep verder goed en de haak bleef gelukkig zitten. Toen de vis in
het net lag, schoot de haak los. Dick en Auke kwamen er aan, en samen
hebben we de vis bewonderd. Wat een bak! De grootste zeeforel tot nu
toe! Vorig jaar had ik een grote, maar deze was nog een stukje groter.
Echt genieten! Achteraf hoorde ik dat Auke een stuk van de dril gefilmd
heeft met zijn mobiel. Ik ben benieuwd.

Evert ving er ook nog één bij, die middag. Arno verspeelde
er twee en Auke verspeelde er ook nog één. Alleen Dick
had geen vis, hij miste er wel één. Toch nog elf aanbeten!.
Gevangen werd er aan de Havkanin, een wit-grijs streamertje, een olijfkleurige
garnaal, en aan die roze streamer van mij. Ze waren inderdaad niet erg
kieskeurig.

Maandag 7 april, nieuwe dag, nieuwe kansen.
We zouden vandaag doorvissen tot het donker was. Auke ging de andere
kant op om een ander gedeelte van het fjord te verkennen. De smalle
doorgang leek hem wel interessant.
Arno ving voor de pauze zijn tweede zeeforel aan een Juletrae. Een
mooie vis van zo’n veertig cm.
Ik miste een aanbeet, een korte trilling in de top. Ook Dick miste er één,
een eindje verderop, duidelijk te zien en te horen aan zijn gebaren
en enkele krachttermen.
Toen we het water uitgingen en naar de auto liepen was Auke nog nergens
te bekennen. Hij nam zijn telefoon ook niet op.
Een kwartier later kwam hij aanstrompelen. Hij was in een soort drijfzand
vast komen te zitten, tot aan zijn kruis. Door de line-basket op het
water te duwen kon hij zijn benen beetje bij beetje loswrikken. Een
angstig moment als je alleen bent! (en je mobiel in de auto laat liggen)
Na de pauze ging Auke met Evert mee naar hun oude stek en ving twee zeeforellen.
Aan een grijs nimfje, notabene! Hoe verzin je het? Typisch Auke. Prachtig!
Ook miste hij nog twee beten, maar was wel koploper met drie forellen.
Evert verspeelde die middag nog een vis. Ik ving een kleine zeeforel
aan de K2-streamer. Al met al weer een geslaagde dag. Alleen Dick had
nog steeds niets gevangen.
Dinsdag 8 april.
Arno ging naar huis. Om 10.30 uur reed hij terug naar Nederland. Hij
was helemaal happy met zijn eerste zeeforellen. Zeer begrijpelijk.
We gingen het die dag rustig aan doen, omdat we de overbelaste spieren
een beetje rust wilden gunnen. We spraken af de hengelsportzaak Go Fishing
in Odense op Fúnen te bezoeken, en daarna door te rijden naar
Helnaes, om stekken te bekijken en/of te vissen.
In de winkel sprak Dick een Deen aan, die speciaal voor grote, roze garnalen
kwam. Hij ving zich klem op deze garnalen van een cm. of negen. (inclusief
voelsprieten) “Big flies, big fish”, zei hij. Ze zagen er
inderdaad goed uit, dus Dick en ik kochten er een paar om te proberen.
Na de winkel bezocht te hebben, werd het toch te laat om door te rijden
naar Helnaes. Dus besloten we om op tijd te gaan eten en daarna nog een
paar uurtjes op het fjord te slijten.
We zouden weer doorvissen tot het donker was.
Auke ving twee zeeforellen, waarvan één 60÷er aan
de nimf!
Een erg
mooie vis.
Hij miste er ook nog één. Evert ving er ook twee aan de
Havkanin.
En ik ving een zeeforel van gemiddelde lengte aan de Juletrae. Dick
had weer drie aanbeten gemist en begon er langzamerhand een beetje moedeloos
van te worden. (wij hebben hem die avond ook niet gepest dat hij het
gemiddelde van ons omlaag haalde, want zo zijn wij niet……)
Woensdag
9 april.
Er blies weer een stevige wind over het fjord. We hadden hem schuin voor.
Hij dwarrelde een beetje. Dan kwam hij schuin van rechts, dan weer
van links. Af en toe zon, afgewisseld met bewolking. Telkens als de
zon weg was werd het meteen weer fris, en ging de capuchon op.
Evert ving zijn vijfde zeeforel op zijn eigen ontworpen en gecreëerde
Havkanin. Een mooie veertiger.
Ik ving er twee die middag. De eerste van de twee was een mooie vijftiger,
met een licht beschadigde staart. Ik ving ze allebei aan de roze Juletrae.
Auke en Dick hebben die dag geen aanbeet gehad.

Donderdag 10 april.
Op onze vaste stek was niet te vliegvissen door de harde wind, dus weken
we uit naar een andere plek waar we de wind schuin van achteren hadden.
Het werd nu toch krap tijd voor Dick. Die Lange zonder vis na vijf dagen
vissen! Dat was nog nooit voorgekomen.
Tot nu toe had hij alleen beten
gemist, dus vandaag moest het voor hem gaan gebeuren. We hadden nu zeventien
zeeforellen gevangen, en Dick wilde graag de achttiende vangen. Daar
had hij zijn reden voor. Hij had drie weken geleden zijn vader verloren.
“ Mijn vader is geboren en overleden op de achttiende van de maand”,
zo redeneerde hij. En waarschijnlijk moest het gewoon zo zijn. Hij ving
inderdaad de achttiende zeeforel op die grote, roze garnaal uit de winkel!

Hij was er blij mee. Het was hem gegund! Het was niet de enige vis die
hij die dag ving. De tweede was een
prachtige blanke vis van zo’n
zestig cm, die tijdens de dril meerdere keren uit het water kwam.

Hij ving er totaal vier en miste nog zes
aanbeten! Aan de Juletrae en de grote garnaal. Evert had er één
verspeeld. Bij mij kwamen de aanbeten voor de pauze. Al vlot kreeg ik
een tik op de top, maar hij bleef niet hangen. Even later verspeelde
ik er één die
losschoot. Voelde goed aan! Shit! Toen ving ik een kleine zeeforel, en
heb nog twee aanbeten niet weten te verzilveren. Alles aan de Juletrae.
Na de pauze nog verschillende andere vliegen geprobeerd, maar ik kreeg
geen beet meer.

Vrijdag 11 april.
Tijd om in te pakken, schoon te maken en sleutel in te leveren. Op de
terugweg hebben we nog een ander fjord bekeken. Ook een prachtige plek,
maar we hebben niet meer gevist. Misschien een optie voor volgend jaar?
We hebben ondanks het afzien in de kou en stevige wind een heerlijke
visweek gehad, en mooie zeeforellen gevangen, en veel gelachen. ( wat
ook heel belangrijk is) Tweeëntwintig stuks op de vliegenhengel!
(inclusief die twee van Arno) Totaal hebben we zevenenveertig aanbeten
gehad!!
Volgens de Denen is dit heel normaal, één zeeforel vangen
op twee aanbeten. Ik denk zelf dat dit met die harde bekken en scherpe
tandjes te maken heeft. Hoe scherp je haak ook is, hier doe je niks
aan.
Enige smetje was een grote ster in de voorruit van de auto, die we donderdag
bij terugkomst op de parkeerplaats bij het fjord aantroffen…..
Foto’s: Evert en Bert - Tekst : Bert
- TOP -